Rega had al een probleem met moving coil-elementen lang voordat het een antwoord had. Op papier is het voordeel duidelijk: een spoel klein en licht genoeg om een groef sneller te volgen dan welk magneetontwerp ook. In de praktijk is het nadeel even duidelijk. Alles wat de generator snel maakt, maakt hem ook kwetsbaar, en de minieme spanningen die hij opwekt verdrinken in elke beweging die niet van de plaat komt. Een moving coil is nooit stabieler dan wat hem vasthoudt.
Met de Ania werd Rega's antwoord betaalbaar. Het generatordenken komt van de Apheta en de Aphelion erboven - dezelfde complexe, met de hand gewikkelde microspoel, gewikkeld op een ijzeren microkruis dat zo klein is dat het geheel door de groef heen en weer geworpen kan worden in plaats van erachteraan te slepen, aangedreven door een uiterst krachtige neodymiummagneet. Wat de Ania niet overneemt, is de prijs van de behuizingen die die elementen dragen.
In plaats daarvan is de Ania opgebouwd in polyfenyleensulfide - PPS-Fortron, met 40% glasvulling. Rega koos het om twee eigenschappen die zwaarder wegen dan uiterlijk: hardheid en maatvastheid. Een huis dat meebuigt maakt van de informatie in de groef een veeg; een huis dat van vorm verandert bij temperatuur of vochtigheid verschuift de naald stilletjes weg van waar hij was afgesteld. PPS doet geen van beide. Het addertje: zo hard materiaal laat zich moeilijk nauwkeurig spuitgieten, en nauwkeurigheid is nu net de hele bedoeling - dus besteedde Rega een jaar alleen al aan de ontwikkeling van de spuitgietmatrijs, voordat er één element bestond. Roestvaststalen inserts nemen de bevestigingsbouten op, zodat de schroefdraad zich niet na jaren armwissels in het huis inslijt, en Rega's driepuntsbevestiging plaatst het element in een gedefinieerd vlak op de arm in plaats van de uitlijning aan twee bouten en wat geluk over te laten.




